Interieur basiliek img 9811De Onze Lieve Vrouw Tenhemelopneming Basiliek werd gebouwd in drie fasen.De eerste fase werd gebouwd tussen 1394 en 1417. Het betreft het priesterkoor, de beide transepten en het eerste travee van het kerkschip. Het priesterkoor is in 1399 gereed en wordt in dat jaar door Hubertus Schenk, aartsbisschop van Utrecht, ingewijd. Het startkapitaal is verkregen uit de nalatenschap van Gerardus van Spoelde, schepen van Zwolle, die zijn huis aan de Voorstraat en zijn grondbezit nalaat.

De tweede fase werd gebouwd tussen 1452 en 1454. Het kerkschip wordt afgesloten met een westgevel. Op de toren na is de kruiskerk klaar.
toren basiliek zwolleDe derde fase voorziet in de bouw van een toren tussen 1463 en 1483. Deze bouwfase wordt afgerond door plaatsing van zes klokken. Een daarvan bevindt zich heden ten dage nog in de toren. Het betreft de Mariaklok van Gerard van Wouw uit 1484.

In 1591 wordt de kerk buiten gebruik gesteld en gaan de katholieken (vier) schuilkerken in. De kerk wordt gebruikt voor onder andere circustent, schietoefeningen, stalling van militaire wagens en daklozen opvang. Tussen 1719 en 1721 is de kerk in gebruik als werkplaats voor de bouw van het Schnitgerorgel van de Grote-of Sint-Michaelskerk. In 1807 wordt de kerk als manege gebruikt door pikeur Schutte.Het interieur gaat volledig verloren. In 1672 wordt Zwolle bezet door Münsterse troepen en wordt de Onze Lieve Vrouw Kerk aan de protestanten toegewezen. De katholieken krijgen de Grote- of Sint-Michaelkerk terug. In 1674 wordt deze situatie weer beëindigd.

In 1809 wordt de kerk door Lodewijk Napoleon aan de katholieken teruggegeven. De toren komt in handen van de stedelijke overheid, conform de militaire inzichten van die tijd. Een periode van herstel en herinrichting breekt aan.

De kerk wordt na 1870 gerestaureerd en uitgebreid met twee zijbeuken (processiegangen). Deze worden bij een restauratie in de periode 1976-1981 weer afgebroken, waardoor de kruiskerk weer in zijn oude vorm wordt hersteld.

Op 18 oktober 1999 wordt de kerk door paus Johannes Paulus de tweede verheven tot basiliek (basilica minor) vanwege haar 600-jarig bestaan.